Het gaat matig met de bestanden van blauwe wijting in de noordoostelijke Atlantische Oceaan. Het bestand bevindt zich nog op een duurzaam niveau, maar neemt af. De visserijdruk is te hoog om een verdere afname op de lange termijn uit te sluiten.
De visserij met zwevende ottertrawls heeft weinig bijvangst van kwetsbare (ETP) soorten, al worden incidenteel dolfijnen en andere zeezoogdieren gevangen. Discards zijn laag en de vangst bestaat vrijwel volledig uit doelsoorten. Zwevende sleepnetten (trawls) veroorzaken geen schade aan de zeebodem en de impact op het ecosysteem is beperkt. De CO₂-uitstoot is laag en het risico op spookvisserij is matig.
Het beheer wordt als deels effectief beoordeeld. De bestanden worden jaarlijks beoordeeld en het beheer is gebaseerd op wetenschappelijk advies, maar de afgesproken vangstlimieten zijn de afgelopen jaren meerdere keren overschreden. Rusland neemt niet deel aan het gezamenlijke beheer, terwijl het wel een aanzienlijk deel van het bestand bevist. Er is geen FIP voor deze visserij. Eerdere MSC-certificeringen zijn inmiddels allemaal ingetrokken.