Het bestand van de ansjovis in de centrale en zuidelijke wateren van Chili is een ander bestand dan dat voor de kust van Peru. Het gaat om het kleinste van de drie ansjovisbestanden in de Humboldtstroom. Voor het beheer wordt het bestand opgesplitst in Atacama en Coquimbo en Valparaíso tot Los Lagos. Beide delen verkeren momenteel op een duurzaam niveau, maar de paaibiomassa schommelt sterk door natuurlijke verschillen in de aanwas. In Atacama en Coquimbo is de visserijdruk wel zo hoog dat het bestand op langere termijn kan afnemen.
De visserij vindt plaats met ringzegens. Er is bijvangst van kwetsbare en beschermde soorten, maar er is onvoldoende informatie om de omvang hiervan goed te beoordelen. Naar schatting bestaat ongeveer 10% van de vangst uit discards. Ook kan extra sterfte ontstaan doordat ongewenste vangst tijdens het vissen wordt losgelaten. Ringzegens raken normaal gesproken de zeebodem niet, maar in deze visserij worden ze ook dicht bij de kust gebruikt. Hierdoor kan wel schade aan de bodem ontstaan.
Het beheer maakt gebruik van vangstlimieten, een verbod op discards en tijdelijke en ruimtelijke sluitingen. In verschillende gebieden zijn de vangstlimieten overschreden. Ook zijn er problemen met niet-gemelde en te laag gemelde vangsten. Het beheer en de handhaving zijn daarom slechts gedeeltelijk effectief.